Als horlogeverzamelaar bekijk ik elk jaar nauwgezet de neo-vintage releases, en de nieuwste ranglijst van GQ France heeft me een paar nieuwe verlangens bezorgd. Het principe is eenvoudig: de ziel van de jaren 60 en 70 terugvinden zonder de rompslomp van echte vintage — kwetsbaarheid, duur onderhoud, onvindbare onderdelen.
Mijn favoriet uit de selectie is de Breitling Navitimer B09 'Miles Davis', een handopwindbare chronograaf, gelimiteerd tot 500 exemplaren, die de referentie 806 overneemt die de muzikant droeg. Ik ben ook dol op de Seiko Prospex Alpinist, het berghorloge uit 1959 dat terugkeert met zijn originele logo en kompasring, voor minder dan 1000 euro.
Wat ik zo mooi vind aan deze neo-vintage, is dat ze een verhaal vertelt: de TAG Heuer Carrera in geelgoud, een eerbetoon aan de Ferrari-coureurs van de jaren 70, de Tissot Visodate uit 1954, of de Zenith Chronomaster Revival El Primero A384, die tot op de millimeter trouw is aan het origineel uit 1969.
En dan is er nog het rationele argument: goed gekozen kan zo'n horloge met de tijd in waarde stijgen. Kortom, mijn lijst met graals is alweer langer geworden, en mijn portemonnee beeft nu al.
Bron: GQ France
De meeste horloges zijn rond: een rond kastje, een ronde wijzerplaat en daaronder heel veel ronde mechanische onderdelen. Maar de laatste tijd beginnen bekende namen die conventie te doorbreken. Harry Styles droeg een Cartier Tank Louis, Connor Storrie haalde op een modeshow een Jaeger-LeCoultre Reverso tevoorschijn, en rechthoekige dresswatches worden op de rode loper niet meer in twijfel getrokken. Volgens een artikel van GQ zijn driehoeken het volgende.
Dit soort horloges is zeldzaam op de markt, maar de goede voorbeelden zijn overtuigend. De Anoma A1, met zijn afgeronde driehoekige kast geïnspireerd op een vrijvormige tafel die Charlotte Perriand in de jaren vijftig ontwierp, wordt genoemd als het beste recente voorbeeld. Ook de Angles Triscope en de Nectere Eclipse komen aan bod.
Wat mij echt opviel, zijn de pioniers. De Hamilton Ventura van Richard Arbib verscheen in 1957 als 's werelds eerste elektrische polshorloge en oogt bijna zeventig jaar later nog steeds futuristisch. In dezelfde periode ontwierp Gilbert Albert de driehoekige Patek Philippe ref. 3412. Gemaakt van 18-karaats goud, zijn er maar weinig exemplaren van geproduceerd.
Waarom won de cirkel dan? De experts in het artikel zeggen simpelweg dat het werkt: de cirkel is symmetrisch, makkelijk te maken, past natuurlijk bij een rond uurwerk en zit prettig aan de pols. Bij driehoeken is het juist lastiger om de band te bevestigen, de wijzerplaat goed in te delen en de hoeken netjes waterdicht af te werken.
Voor vintage-horlogeliefhebbers biedt dit artikel volgens mij een goed uitgangspunt om na te denken over hoe vorm en mechaniek samenhangen.
Bron: GQ Türkiye
HODINKEE Japan heeft een artikel gepubliceerd over een nieuw bezoek aan de werkplaats van de onafhankelijke horlogemaker Philippe Dufour, dertien jaar na het vorige bezoek. Het is een vertaling van een stuk dat in juni op HODINKEE US verscheen. De werkplaats staat in Le Solliat, in het Vallée de Joux in Zwitserland. Dufour, die al meer dan 59 jaar als horlogemaker werkt, steekt nog altijd zijn hele passie in het maken van horloges. Ook zijn dochter Daniela werkt in dezelfde werkplaats aan horloges.
Op de werkbank liggen horloges in productie, en de beroemdste, de Simplicity, wordt nog steeds gemaakt. Er is geen wachtlijst: bestellingen worden aangenomen wanneer er tijd en ruimte zijn. Vooral belangrijk vindt hij dat de Simplicity al aan de 37 mm kast in één oogopslag herkenbaar is. Op dit moment worden zes uurwerken gemaakt, waarvan er twee klaar zijn.
Wat me in het artikel het meest interesseerde, is dat het grootste deel gewijd is aan zakhorloges. Er worden een schoolhorloge uit 1967 van de horlogeschool, een Waltham-chronograaf en minutenrepeteerder uit 1884 en een collectie zakhorloges uit een kluis getoond. Ook wordt verteld dat de Duality, met zijn twee balansen, geïnspireerd is op schoolhorloges die zes leerlingen tussen 1932 en 1934 maakten op de horlogeschool van Le Sentier. Een exemplaar van Albert Pighin werd enkele jaren geleden geveild voor 250.000 Zwitserse frank.
Van de Duality zijn er maar tien gemaakt, en er is ook een verbeterde versie afgerond, maar volgens de huidige maatstaven is die te complex om in serie te maken. Ook de beschrijvingen van de kleine gereedschappen in de werkplaats zijn boeiend, zoals het gebruik van gentiaanhout om de facetten te polijsten.
Zijn dagelijkse polshorloge is de Audemars Piguet Royal Oak 50th anniversary, en het is charmant dat de meeste van zijn horloges cadeaus van zijn vrouw zijn. Het is een artikel om rustig doorheen te bladeren, met foto's van de werkplek van een pionier van de onafhankelijke horlogerie. Ik hoop dat iedereen die geïnteresseerd is in traditionele horlogerie het leest.
Bron: HODINKEE Japan
Meistersinger viert 25 jaar eenwijzerhorloges, en dit jaar komt er een primeur bij: het eerste horloge van het Münsterse merk met springende uren. Nu volgt de Panthero Jumping Hour Guilloché-editie, een ambachtelijke variant die beperkt is tot slechts 25 exemplaren.
Bij de Panthero Jumping Hour draait nog steeds maar één wijzer rond, die van de minuten. Die zit niet in het midden, maar loopt over een decentrale, opgelegde ring. Het uur verschijnt in een ronde opening en springt precies elke 60 minuten door. Een element dat elke seconde één keer rondgaat, vormt een gestileerde zon en brengt beweging in de wijzerplaat.
Het bijzondere van deze editie is de lichtblauwe wijzerplaat met fijne guillochering. Het delicate patroon wordt gemaakt op historische guillocheermachines, die ervaring, concentratie en een vaste hand van de guillocheur vragen. Daardoor breekt het licht prachtig op de facetten. De minutenring, de wijzers en het zonnewiel zijn donkergrijs, wat voor een helder contrast zorgt.
De kast van roestvrij staal meet 40,5 millimeter en binnenin werkt het automatische kaliber MS-JH-01, gebaseerd op de Sellita SW300 met een extra module voor springende uren, met 47 uur gangreserve. Door de glazen achterkant is het versierde uurwerk te zien. De band is van cognackleurig runderleer met krokodillenprint. De prijs is 7.990 euro en levering is gepland vanaf eind derde kwartaal.
Ik vind het mooi dat een rustig, op helderheid gericht concept bewust wordt gecombineerd met een zeer traditionele ambachtelijke techniek. Moderne mechaniek en historische machines passen verrassend goed bij elkaar.
Bron: WatchTime
Een verrassing uit de horlogewereld deze week: een consortium onder leiding van Montres Journe, met Chanel en oud-topman van De Bethune Pierre Jacques, heeft 95% van Ebel van Movado Group gekocht voor 66,5 miljoen Amerikaanse dollar. Movado houdt de resterende aandelen, en Jacques gaat het merk alleen leiden.
Voor vintagefans is Ebel een naam om te onthouden. In de jaren tachtig en negentig was het een van de grootste merken van Zwitserland, bekend om de Sport Classique, vanwege de geïntegreerde armband bijgenaamd de "golf". Dat model, in 1977 gelanceerd, deed het personeelsbestand vijftienvoudig groeien en de omzet naar negencijferige bedragen stijgen. Cartier liet zelfs horloges bij Ebel maken, en Ebel was de grootste afnemer van de El Primero-uurwerken van Zenith.
De neergang begon toen Pierre-Alain Blum, een kleinzoon van de oprichters, het bedrijf in 1994 verkocht na mislukte diversificaties. Investcorp kocht het, daarna volgde LVMH en toen Movado, dat twintig jaar lang tevergeefs probeerde het merk nieuw leven in te blazen. Movado verkoopt het nu voor ongeveer wat het er ruim 23 jaar geleden voor betaalde.
Wat er nu gebeurt, is interessant. Oude Ebel-horloges uit de Sport Classique-tijd verdienen een blik op de vintagemarkt, en een serieuze nieuwe eigenaar kan veranderen hoe mensen ze zien.
Bron: SJX Watches
Het antwoord op de naam van de Vacheron Constantin 222 is een simpele rekensom. Het horloge kwam in 1977 uit, en Vacheron Constantin dateert zijn oprichting op 1755. Het verschil is 222 jaar, dus het horloge werd gemaakt ter ere van het 222-jarig bestaan van het merk, en dat getal werd zijn naam.
Het merk beschouwt 1755 als geboortejaar, toen Jean-Marc Vacheron in Genève zijn leerlingcontract als horlogemaker tekende. Daarom wordt het vaak genoemd als de oudste horlogemanufactuur ter wereld die al die tijd ononderbroken actief is. Velen denken dat de 222 is ontworpen door Gérald Genta, maar dat klopt niet. De ontwerper was Jörg Hysek, die 24 was toen het horloge uitkwam. Hij had een tijdje bij de ontwerpafdeling van Rolex gewerkt voordat hij voor zichzelf begon.
De eerste versie, referentie 44018, had een diameter van 37 mm en wordt door verzamelaars de "Jumbo" genoemd. De kast was uit één stuk, dus het uurwerk werd van bovenaf ingebracht, en een sterk gegroefde ring werd erop geschroefd, wat 120 meter waterdichtheid opleverde. De hele kast was slechts 7 mm hoog.
De dunheid komt van het uurwerk. Vacheron Constantin gebruikte kaliber 1120, een verdere ontwikkeling van het ultradunne automatische uurwerk 920 van Jaeger-LeCoultre. Het meet met datum 3,05 mm en was volgens het merk het dunste automatische uurwerk met volledige rotor ter wereld. De band met grote zeshoekige middenschakels en het Maltezer kruis op vijf uur maakt het horloge makkelijk herkenbaar.
Sinds 2022 is het horloge verkrijgbaar als heruitgave, de Historiques 222, eerst in geelgoud en vanaf 2025 ook in staal. Ik vind het leuk dat een naam die op een modelnummer lijkt eigenlijk een verjaardagsgroet is. Het is een goede herinnering dat de verhalen achter vintage horloges vaak leuker zijn dan je denkt.
Bron: Klockfeber
In 2026 zijn het 225 jaar geleden dat Abraham-Louis Breguet op 26 juni 1801 het patent op de tourbillon kreeg. Om dat te vieren heeft de manufactuur een gevarieerde collectie gepresenteerd met vijf interpretaties van het mechanisme.
Het principe van Breguet was om het ontsnappingsmechanisme, het balanswiel en de spiraalveer in een draaiende kooi te plaatsen. Door het regelorgaan aan verschillende verticale standen bloot te stellen, compenseerde het mechanisme de afwijkingen door de zwaartekracht en leverde het een nauwkeurigere gemiddelde gang. Tussen 1796 en 1829 maakten Breguet en zijn medewerkers slechts 40 afgewerkte tourbillons, een getal dat een idee geeft van hoe ingewikkeld ze waren.
Het stuk dat mij het meest interesseert is de Classique Tourbillon 7357, de meest directe verbinding met de recente geschiedenis van het huis. Het is geïnspireerd op referentie 3350 uit 1990, die wordt beschouwd als het eerste polshorloge met tourbillon van het hedendaagse Breguet. De kast is 35 mm in doorsnede en 9,2 mm hoog, met een guillocheerde gouden wijzerplaat. Het nieuwe kaliber 187B is handopwindbaar, loopt op 2,5 Hz, heeft 60 uur gangreserve en een siliciumen ontsnapping, en is afgeleid van het historische kaliber 558. Het wordt aangeboden in platina 950 en in Breguet-goud.
De Classique Tourbillon Sidéral 7255 is op zijn beurt de eerste Breguet met een zwevende tourbillon, alleen van onderaf ondersteund, en herleeft de "mysterieuze" constructie met saffieren tandwielen. De wijzerplaat van zwart aventurijn grand feu-email roept een nachtelijke hemel op.
Het is een mooi voorbeeld van hoe een complicatie uit het begin van de negentiende eeuw nog steeds de horlogerie van vandaag inspireert, van trouwe herinterpretaties tot experimentele stukken met een tourbillon van 10 Hz.
Bron: Horas y Minutos
De Klub Miłośników Zegarów i Zegarków en de Zwitserse manufactuur Favre-Leuba hebben een beperkte oplage van de Harpoon Revival uitgebracht, opgedragen aan Tytus, Romek en A'Tomek. Het idee ontstond onder de leden van de club en verbindt Zwitserse horlogemakerskunst met de Poolse stripcultuur, als eerbetoon aan Henryk Chmielewski, beter bekend als Papcio Chmiel.
De twee verhalen hebben het jaar 1966 gemeen. In dat jaar bracht Favre-Leuba het model Harpoon uit, en in Polen verscheen het eerste boek met de avonturen van Tytus, Romek en A'Tomek. Zes decennia later komen de twee jubilea samen in één horloge. Het behoudt de kenmerkende silhouet van het origineel uit 1966, en de reeks is beperkt tot slechts 66 stuks.
De details op de wijzerplaat zijn het interessantst. De tekst "1of66" is zo ontworpen dat de "of" op een negen lijkt, wat 1966 oplevert. De wijzerplaat zelf imiteert een oude stripbladzijde, zowel qua kleur als qua textuur. Links hangt Tytus aan een stang, in de versie die de auteur in de uitgave van 1989 heeft aangepast, en het indexmerkteken staat 15 graden scheef, omdat Tytus te hard heen en weer zwaaide en het afbrak. Op de achterkant is een gravure van Papcio Chmiel met zijn handtekening aangebracht, samen met het woord "Uczłowieczyciel" (de humanisator).
Favre-Leuba werd in 1737 opgericht en is de op één na oudste Zwitserse horlogemanufactuur. Haar motto, "Conquering Frontiers" (grenzen veroveren), past goed bij de expedities van de helden. De verkoop verloopt via voorbestelling: eerst worden de bestellingen op het clubforum verzameld, daarna start de productie van de reeks.
Ik hou van projecten als deze, omdat ze laten zien dat een vintage ontwerp uit de jaren zestig een nieuw leven kan krijgen dankzij de passie van gewone verzamelaars.
Bron: Klub Miłośników Zegarów i Zegarków
Wie een mechanisch horloge heeft, weet dat er vroeg of laat een moment van onderhoud aanbreekt, en weten aan wie je het toevertrouwt, is bijna net zo belangrijk als het horloge zelf. Daarom viel het bericht me op dat Pisa 1940 in Milaan een nieuwe werkplaats van meer dan 170 vierkante meter heeft geopend, die zich richt op service, revisie en restauratie.
De werkplaats heeft zes volledig uitgeruste werkplekken, bedoeld voor zowel snelle controles als uiterst nauwkeurig werk, en een team van acht horlogemakers met een gecertificeerde opleiding bij de bekendste maisons. Er zijn ruimtes voor reinigen en zandstralen, plekken om uurwerken, kasten en schakels te wassen, en geavanceerde diagnoseapparatuur, waaronder waterdichtheidstests.
Het uitgangspunt is een principe dat dicht bij de geschiedenis van het bedrijf ligt. CEO Chiara Pisa herinnert zich dat haar grootvader Ugo horloges als levende wezens beschouwde, met een tikken als een hartslag. Een horloge verzorgen, door onderhoud, revisie of reparatie, betekent dus de band tussen het horloge en degene die het draagt koesteren.
Een interessante keuze is dat de werkplaats onafhankelijk is van de boetieks, tegen de trend in om technische centra in showrooms onder te brengen. De vroegere gesloten werkplaats maakt plaats voor transparantie en dialoog met klanten, verzamelaars en liefhebbers, en er is zelfs een bibliotheekhoekje met meer dan 250 boeken.
Voor verzamelaars van vintage horloges is dit goed nieuws: een werkplaats die restauratie zichtbaar centraal stelt, laat zien hoe levend het horlogevakmanschap nog is.
Bron: Orologi
Angelus heeft zojuist de Chronographe Tachymètre gelanceerd, een trio compacte monopusher-horloges als opvolger van de Chronographe Télémètre van vorig jaar. Dezelfde kast, hetzelfde handopwindkaliber, maar de telemeterschaal is vervangen door een tachymeter die snelheid meet. Op papier is het een kleine verandering, maar het past zo natuurlijk bij een chronograaf dat je snapt waarom ze het hebben gedaan.
Het merk gaat terug tot Le Locle in 1891 en stond bekend om repeteerhorloges, wekkers en chronografen. De huidige collectie La Fabrique neemt horloges uit de jaren dertig tot vijftig als uitgangspunt en bouwt ze opnieuw op met moderne materialen. De kast is 37 mm breed en 9,25 mm dik, met een gebogen kastband en lugs die naar beneden zakken en aan de zijkant draaien, wat zorgt voor dat onmiskenbare vintage profiel. De enkele drukker zit in de geribbelde kroon op drie uur en bedient starten, stoppen en terugzetten.
Binnenin zit de handopgewonden A5000, gemaakt door zusterbedrijf La Joux-Perret. De wortels liggen in het THA-uurwerk van eind jaren tachtig, later bekend als de Cartier 045MC die in de Tortue Monopoussoir van 1999 werd gebruikt. Het heeft een kolomwiel en horizontale koppeling, tikt 21.600 halve slagen per uur en heeft 42 uur gangreserve, afgewerkt met Genève-strepen, cirkelvormige graveringen en gepolijste schroeven.
Er zijn drie wijzerplaten: een gouden met details die het merk Brits racegroen noemt, en twee stalen versies, één in koraalroze met staalgrijs en één in parelgrijs met petroleumblauwe subwijzerplaten. De tachymeterschaal begint bij 500 km/u op een basis van 1.000. De gouden editie is beperkt tot 15 stuks, de stalen tot respectievelijk 30 en 50, voor CHF 34.600 en CHF 18.500.
Wat ik hier mooi vind, is dat het merk geen oude horlogelijn één op één kopieert, maar zijn archief als creatieve basis gebruikt. Of een monopusher voor deze prijs iets voor jou is, is een andere vraag, maar als studie in hoe je vintage design met een echt uurwerk laat herleven, is het interessant.
Bron: Monochrome Watches
Van de vormhorloges van Cartier is de Ceinture nog steeds een van de meest ingetogen. De achthoekige kast, afgeleid van een vierkant met afgesneden hoeken, en de getrapte lunette doen denken aan de gesp van een riem, vandaar de naam. Oorspronkelijk in 1927 ontworpen, kwam het model in de jaren zeventig weer in het middelpunt van de belangstelling dankzij de in 1973 gelanceerde Louis Cartier Collection, die twaalf historische vormen van het huis opnieuw interpreteerde.
Er bestaat niet één Ceinture, en dat is het punt dat je moet kennen voordat je koopt. Referentie 78100 is de kleine versie van ongeveer 25 x 25 mm, de 78099 meet 27 x 27 mm, de 78208 heeft dezelfde maat in tweekleurig goud, en de 17001, door verzamelaars 'Jumbo' genoemd, bereikt ongeveer 31 x 31 mm met een automatisch uurwerk (kaliber 2670). De eerste versies van de collectie uit 1973 zijn handopwindmodellen met kaliber 78-1, terwijl in de jaren tachtig quartzvarianten verschenen.
Een constructiedetail trof me: de kroon heeft niet de gebruikelijke blauwe saffieren cabochon, maar een platte, achthoekige vorm die in de inkeping van de lunette is geïntegreerd, een systeem dat toen 'remontoir imperdable' werd genoemd. Het resultaat is erg zuiver, ook al vraagt handmatig opwinden enig fingerspitzengefühl.
Voor liefhebbers van vintage Cartier maakt de wijzerplaat vaak het verschil. Sommige exemplaren hebben onder de spoorwegring de vermelding 'Paris' in plaats van 'Swiss', een kenmerk van de vroege series of van de boetiek aan de rue de la Paix, en die zijn nu zeer gewild. Het artikel herinnert er echter aan dat dat ene woord geen meerprijs rechtvaardigt: de staat van de kast (niet te veel gepolijst), de frisheid van de geëmailleerde wijzerplaat, de originele gouden vouwsluiting en de samenhang van de onderdelen tellen even zwaar.
Minder bekend dan de Tank of de Santos, behoudt de Ceinture een aura van exclusiviteit, en dat maakt haar juist charmant. Een goede herinnering dat je bij vintage een specifieke referentie koopt, en niet zomaar een naam.
Bron: Montres de Luxe