Caudexplanten

Caudiciforme planten: zo houd je die dikke caudex gezond

Sommige planten slaan water op in de voet van hun stengel en krijgen zo die fles- of schildpadvorm waar verzamelaars zo gek op zijn. Ik las een praktische gids over hoe je ze verzorgt, en het belangrijkste dat ik eruit haalde: ze zijn sterk, maar de caudex gaat snel rotten als je te veel water geeft of de drainage slecht is.

De gids benadrukt dat je moet gieten volgens de cyclus van elke soort. Tijdens de actieve groei laat je de bovenste 3 à 4 centimeter van het substraat uitdrogen; in de rustperiode geef je heel weinig of helemaal niets, zolang de caudex stevig blijft. Een eenvoudige truc die wordt voorgesteld: steek een houten stokje ongeveer 3 centimeter diep in de grond om de vochtigheid te controleren voordat je gaat gieten.

Voor het substraat raadt de gids een zeer luchtig mengsel aan, met een deel organisch materiaal en een deel mineraal (rivierzand, perliet of pumice), en brede, ondiepe potten met goede drainagegaten. De caudex mag gedeeltelijk boven de grond uitsteken; wat je niet moet doen, is hem te diep begraven of afsnijden.

Genoemde soorten zijn onder andere Adenium obesum, Pachypodium lamerei, Dioscorea elephantipes, Stephania erecta en Fockea edulis. Voor de Adenium adviseert de gids de toppen weg te knijpen als je wilt dat de plant vertakt; bij de Dioscorea wordt opgemerkt dat de cyclus afhankelijk van het klimaat kan omkeren, dus het gieten moet meelopen met het moment waarop de plant uitloopt of zijn bladeren verliest.

De gids waarschuwt ook voor veelvoorkomende plagen (schildluizen, spintmijt en slakken) en voor bescherming tegen vorst. Ik vind het een goed startpunt voor wie met caudiciformen begint, al zijn de gietfrequenties in de tekst slechts richtlijnen en pas je ze het best aan aan je eigen klimaat.

Bron: JardineriaOn

Reacties 0

Plaats de eerste reactie, in elke taal.

Log in om te reageren